Energielabels voor verlichting: alles wat je moet weten in 2026
Ook als het aankomt op verlichting is er veel terrein te winnen, voornamelijk met de overstap naar LED-verlichting ten opzichte van halogeen. Dit is gemakkelijk te herkennen aan de energielabels op de verpakking. Sinds maart 2023 gelden hiervoor nieuwe regels, en inmiddels, in 2026, zijn deze labels overal ingeburgerd. In deze blog leggen we uit hoe ze werken en waar je op moet letten.
Wat is er veranderd bij de regelgeving omtrent verlichting?
De nieuwe regelgeving bestaat al sinds september 2021, maar sinds maart 2023 zijn de nieuwe energielabels volledig in gebruik. Dat betekent dat vrijwel alle LED-lampen die je nu koopt zijn voorzien van het nieuwe label, waarbij lampen die vroeger een hoog cijfer hadden nu vaak een stuk lager uitkomen.
Deze energielabels worden bepaald met een duurzaamheidstest: een periode van ongeveer 3.600 uur waarin het algemene verbruik wordt gemeten. Dit resulteert in een label dat, in tegenstelling tot het oude label, van A tot G loopt, zonder tussenstappen met een plus of een min.
Nieuwe labels bevatten ook extra informatie van de leverancier, met gedetailleerde productinformatie die ook bij de verkopende partij te vinden is. Dit is handig bij het kiezen van nieuwe lampen, omdat je zo gemakkelijk zaken als kleurtemperatuur of het aantal lumen kunt vergelijken.
Vergeleken met het oude energielabel biedt het nieuwe label meer informatie voor de consument. Lampen die vroeger onder A, A+ of A++ vielen, staan bij het nieuwe label vaak onder F. Dat is geen verslechtering: het nieuwe energielabel is bewust hoger ingesteld, zodat er ruimte blijft voor toekomstige innovatie. Inmiddels, een paar jaar na invoering, zie je in de winkel steeds meer lampen in de hogere klassen (A tot C), naarmate fabrikanten hun producten aanpassen aan de strengere norm.
Met het huidige energielabel is de verdeling als volgt:
| Energielabel | Opbrengst in Lumen |
|---|---|
| A | Meer dan 210 lumen/W |
| B | 185 tot 210 lumen/W |
| C | 160 tot 185 lumen/W |
| D | 135 tot 160 lumen/W |
| E | 110 tot 135 lumen/W |
| F | 85 tot 110 lumen/W |
| G | 0 tot 85 lumen/W |
Waar herken je het huidige energielabel aan?
Het energielabel dat je sinds maart 2023 op verlichting tegenkomt, is aan de volgende zaken te herkennen:
- Naam van de leverancier bovenin het label: de fabrikant en, waar nodig, het model.
- Een kleurrijke ladder die aangeeft hoe “groen” jouw lichtbron is. In 2023 zag je vooral klassen tussen E en F; in 2026 verschuift het aanbod steeds meer richting de hogere klassen (B tot D), naarmate fabrikanten efficiëntere lampen op de markt brengen.
- Onderaan het label staat het energieverbruik in kWh per 1000 uur, handig om het verbruik te vergelijken.
- Een QR-code, die een overzicht geeft van eigenschappen van de lichtbron, zoals de fitting en of het om slimme verlichting gaat.
Welke onderdelen van LED-verlichting moeten een label hebben?
De regelgeving is vrij simpel: onderdelen die direct stroom verbruiken, moeten een label hebben. Dit betekent dat losse LED-lampen, ledstrips en ondiepe inbouwspots met een geïntegreerde lichtbron een label moeten hebben, samen met de nodige informatie zoals wattage of dimbaarheid.
Energielabels voor jouw woning
Een energielabel is niet beperkt tot elektronica en verlichting, maar geldt ook voor woningen, kantoren en andere gebouwen. Dit label geeft aan hoe zuinig een woning is en speelt een steeds grotere rol, zowel bij verkoop als bij verduurzamingssubsidies van de overheid. Isolatie, nieuwe kozijnen en de overstap naar LED-verlichting zijn nog altijd effectieve manieren om het label te verbeteren.
De klasse-indeling voor woningen is grotendeels gelijk gebleven: een A-label is nog steeds het hoogst, met zeer laag verbruik en vaak zonnepanelen en een warmtepomp.
Hieronder een beknopt overzicht van de opbouw van het A-label:
| Energielabel | kWh/m² |
|---|---|
| A | 160 |
| A+ | 105 |
| A++ | 75 |
| A+++ | 50 |
| A++++ | 0 |